19 Apr 2022

Artikel: Franse democratie beter dan de onze?

0 Comment

Boudewijn BouckaertZeer twijfelachtig.

(Dit artikel van Libera!-voorzitter Boudewijn Bouckaert werd oorspronkelijk op 15 april 2022 gepubliceerd op de website Doorbraak.be.)

In een Doorbraak-podcast van een paar dagen geleden oreert Bart Maddens dat de Franse democratie superieur is aan de onze omdat de meerderheidswil er zich duidelijker vertaalt in de verkiezingsuitslag. Ze krijgen de president die ze in meerderheid willen en een paar weken later krijgt ‘une majorité présidentielle’ gegarandeerd de meeste zitjes in het Parlement. Wat een contrast met ons Belgenland.

Manke democratie?

Als de Vlamingen zich in meerderheid uitspreken voor een centrumrechts beleid, krijgen ze na lang diplomatiek overleg met Wallonië (dit wordt soms ook ‘regeringsonderhandelingen’ genoemd) een centrumlinks beleid op hun dak. Belgische politiek is als een restaurant waar je een ‘Zalm op Oostendse wijze’ bestelt en een ‘Vol au Vent’ op je bord krijgt.

Die laatste vaststelling van Bart Maddens is meer dan juist, maar de vraag is waaraan dat zou liggen. Als België in vergelijking met Frankrijk een manke democratie heeft, ligt dat niet aan zijn proportioneel stelsel maar aan het feit dat België een binationale staat is met als gevolg dat zich binnen die staat twee gescheiden politieke markten hebben ontwikkeld.

Proportioneel functioneert wel

Maar in vele landen in Europa werkt het proportioneel stelsel vrij behoorlijk. Ik vermeld Duitsland, de Scandinavische landen en vele Oost- en Centraal-Europese landen. In sommige landen kan het proportioneel systeem gemakkelijk verbeterd worden door een paar eenvoudige ingrepen.

In Nederland bijvoorbeeld, waar de wonderbaarlijke vermenigvuldiging van politieke partijen de vorming van een coherente regering steeds meer bemoeilijkt. Dat ligt enerzijds aan het kiesstelsel waarin je met 0,70% van de stemmen al een zitje in de Tweede Kamer verwerft. Anderzijds aan de calvinistische neiging steeds ‘zuiver in de leer te willen zijn’. Als er onenigheid rijst binnen een Nederlandse partij wordt dit niet uitgepraat, maar richt men meteen een nieuwe club op.

Van een rechtse partij scheidt zich dan een extreemrechtse partij af, waarvan zich dan een minder extreemrechtse partij afscheidt, waarvan zich dan een eerder meer dan minder extreemrechtse partij afscheidt, enzovoort. Die calvinistische mentaliteit krijg je er weliswaar niet uit maar bijvoorbeeld een kiesdrempel van 5% zou de bestuurskracht van de Nederlandse democratie aanzienlijk verhogen.

Compromis is er altijd

Het proportioneel model heeft een prijs en dat heet compromis. Eén partij haalt meestal geen meerderheid en moet bijgevolg met coalitiegenoten een compromis in een regeerakkoord gieten. Daarin kan je de plussen en minnen lezen, die partijen binnenrijfden of moesten incasseren. Het is aan de kiezer om uit te maken of de plussen al dan niet de minnen overklassen, wat in de weegschaal kan gelegd worden voor het stemgedrag bij de volgende verkiezingen.

Het Franse systeem lijkt de morsigheid van het compromis te vermijden, maar dat is gezichtsbedrog. Het Franse politieke landschap is niet te herleiden tot ‘la droite‘ en ‘la gauche’. Fransen zijn een politiek actief volk met een hijgerige debatcultuur. Het wemelt er van ‘positions politiques’, gaande van libertarische kapitalisten tot hardleerse stalinisten, van Euroforische internationalisten tot ultranationalistische tricolore-aanbidders, van Lefebvriaanse katholieken tot wokistische poco’s.

Magische 51%

In de eerste ronde van de presidentsverkiezingen komt deze diversiteit tot uiting in een lange trits van kandidaten. Mocht er de vereiste niet zijn van de 500 handtekeningen van mandatarissen, gewis de lijst zou nog veel langer zijn. De tweede ronde moet die panoplie van ‘positions politiques’ reduceren tot twee. Hier situeert zich dan ook het compromismoment van de Franse democratie.

Terwijl in een proportioneel systeem het compromis min of meer leesbaar is in het regeerprogramma, moet het hier vorm krijgen in een moeilijke evenwichtsoefening van de presidentskandidaat in de tweede ronde. In zijn of haar campagne moet hij of zij proberen een optelsom van genoeg stromingen te vertolken, om aan de magische 51% te komen. Daar komen evenwichtsoefeningen bij kijken waarbij het ‘cirque de soleil‘ verbleekt.

Pensioenleeftijd

Macron had in zijn eerste ronde-campagne belooft de pensioenleeftijd van 62 op 65 te brengen. Iedereen die kan rekenen weet dat alleen zo het stelsel financierbaar blijft. Niet alleen Le Pen, in haar sociaal-nationalistische bezorgdheid om de ‘kleine man’, had dit voorstel al afgebrand. Maar ook voor kameraad Mélenchon betekende dit voorstel een schandelijke sociale achteruitgang, geïnspireerd door het ultra-kapitalistische denken van de Rotschild-bankman.

Macron, die de stemmen van kameraad Mélenchon moet winnen, maar zijn centrumrechtse stemmen niet mag verliezen, begint nu op een quasi potsierlijke manier rond de pensioenpot te draaien door te zeggen dat 65 voor hem geen dogma is en dat hij er een referendum zal over organiseren.

‘On est frustré, on casse’

De vele beloften, die een presidentskandidaat in de tweede ronde doet, kunnen onmogelijk allemaal ingewilligd worden wat dan weer voor woelige onrust zorgt in Frankrijk. In de tweede ronde zal een kwart van de kiezers voor Macron stemmen, een kwart van de kiezers tegen Lepen en de helft van de kiezers voor Le Pen.

Als Macron het haalt staan de ‘antikapitalistische’ stootbrigades van de anti-Lepen-kiezers (‘fachès mais pas fachos’) gegarandeerd weer op straat om politieagenten af te troeven, etalageruiten in te slaan en auto’s in brand te steken. ‘La colère’ omwille van de gebroken beloftes van de kandidaat die zij aan de macht hebben geholpen.

Pacificatie en democratie

Een van de grote merites van een democratisch stelsel ligt in zijn pacificerende werking. De machtswisseling grijpt er geweldloos plaats en niet via staatsgrepen of burgeroorlogen. Proportionele stelsels zijn over het algemeen superieur op dat vlak. Onder de West-Europese democratieën is Frankrijk ongetwijfeld het land met het meeste politieke geweld. Dat heeft deels te maken met de frustraties die het gevolg zijn van het niet inlossen van de vele irrealistische beloftes die presidentskandidaten moeten doen in de tweede ronde om aan hun 51 % te geraken.

Men mag niet vergeten dat de Vijfde Republiek werd ingevoerd om uit de impasse te geraken van de Algerijnse oorlog die de Franse bevolking tot op het bot verscheurde. Inderdaad, het proportioneel stelsel van de Vierde Republiek kon deze oorlogssituatie niet aan. Die oorlogssituatie ligt echter reeds lang achter de rug. Het is tijd dat Frankrijk terugkeert naar een eerlijker vorm van democratie.

[top]