14 Apr 2018

Interview met Libera!-voorzitter Boudewijn Bouckaert

0 Comment

Boudewijn Bouckaert‘Wie niet bereid is iets voor onze beschavingswaarden op te offeren, bijvoorbeeld door nieuwe legervliegtuigen te kopen, riskeert zijn eigen ondergang.’ Professor Boudewijn Bouckaert blijft, ondanks zijn 70, erg actief in allerlei rechtse clubs. ‘We beoefenen de freedom of speech die in een partij als de N-VA volledig afwezig is. Karakterieel zou ik daar niet in passen.’

(Interview met Boudewijn Bouckaert, voorzitter van Libera!, zoals oorspronkelijk gepubliceerd in De Standaard van 14 april 2018.)

De partijpolitiek heeft Boudewijn Bouckaert volle­dig vaarwel gezegd. ‘Ik ben nu 70 jaar, de actieve politiek vraagt veel inspanning. Dag in dag uit moet je op zoek naar erkenning en profile­ ring, over elk onderwerp moet je een mening hebben.’ Maar het ge­wezen parlementslid van LDD ge­dijt goed in rechtse clubs zoals Doorbraak en vooral Libera!, de debatclub die de professor rechten als voorzitter animeert.

De doortocht van Pieter De Crem zette Libera! begin maart stevig op de kaart.

‘Inderdaad. Liberalen maken bij ons voor de helft de dienst uit, de rest zijn Vlaams­-nationalisten. Libera! vormt de brug tussen Open VLD en N­VA. Economisch omar­men we het liberale gedachtegoed. Maar we besteden meer aandacht aan identiteit en beschavingswaar­den, onderwerpen waar de N­VA sterker staat.’

‘Open VLD had in 2005 tijdens de discussies over het migranten­ stemrecht beter naar ons geluis­terd. Wellicht was de partij dan vandaag een flink stuk groter ge­weest, ten koste van de N­VA. Die partij vulde het vacuüm op rechts perfect in. De frustratie daarover leeft nog steeds binnen Open VLD. Veel militanten vinden dat de Vlaams­nationalisten bepaalde standpunten krachtiger en beter vertolken.’

Leeft u mee met de frustratie van De Crem? Hij vindt dat CD&V te veel naar links is opgeschoven.

‘Absoluut. Hij wond er echt geen doekjes om. Aan de rechterzijde bestaat er geen wonderbaarlijke vermenigvuldiging van de broden. Wat CD&V op rechts verliest, komt bij de N­VA terecht. CD&V is haar aureool van brede centrumforma­tie kwijt, ze wordt gepercipieerd als een christelijke­syndicalisti­sche partij. De Crem doet daar zeer nerveus over. Samen met Hendrik Bogaert is hij vast van plan om zijn stem harder te laten weerklinken.’

‘Bij de begrafenis van Marcel Storme (als senator actief bij CD&V, bekend Gents jurist en va­der van N­VA’er Matthias Storme, red.) hoorde ik dezelfde klacht. Heel wat aanwezigen klaagden dat CD&V zich te veel geroepen voelt om het omgekeerde van de N­VA te zeggen. Het moet de andere kant uit, vinden ze. Ik vrees dat het te laat is.’

U trok zelf niet naar de N­VA?

‘Liberalen verwijten Lijst De­decker dat ze een brug legde van Open VLD naar de N­VA. (grijnst) Dat was niet onze bedoeling. In 2007 lagen we nog in poleposition, we waren groter dan de N­VA. Maar enkele akkefietjes hebben ons heel wat kiezers gekost … Nu goed, ik vrees dat de liefde in deze niet van twee kanten komt. Karak­terieel passen Jean­-Marie Dedec­ker en ik niet in de partij.’

‘De N­VA hanteert een specifiek model. Ze heeft een sterke top, met goede politici die zich met een her­kenbaar beleid in the picture wer­ken. De grote groep daaronder mag zich niet outen. Zij volgt de in­structies van de top. En het werkt. Er wordt weinig boel gemaakt. Tenminste niet in het publiek, wel op recepties.’

‘Mijn schoonvader, Guido Van den Berghe, was lijsttrekker voor de N­VA in Wetteren. Hij volgde de consignes niet, ze gooiden hem met klikken en klakken buiten. Bij de N­VA is de freedom of speech vol­ledig afwezig. (maakt met duim en wijsvinger een 0) Alleen de top be­zit dat privilege.’

Libera! vereerde de Nederlandse politicus Thierry Baudet met haar ‘Prijs voor de Vrijheid’.

‘We profileren ons eurokritisch. Dat vonden we terug bij Baudet. Hij brengt pit in het debat. Europa is geen land, het moet ook geen staat worden. Het gros van de be­volking identificeert zich met de natiestaat. Wie dat wegvaagt, on­dermijnt de democratie.’

‘Baudet wil de Europese Unie weg, zover willen wij niet gaan. Eu­ropa moet een stevige verdragsor­ganisatie blijven. De interne markt mag niet verdwijnen. Wel is Europa te slordig geweest door het vrij verkeer van goederen, diensten en kapitaal gelijk te stellen aan het vrij verkeer van personen. De Brexit is daarvan het gevolg. Een persoon is meer dan een consump­tiemiddel. Hij is een potentiële werknemer, maar ook een potenti­ële steuntrekker. En hij neemt zijn cultuur mee.’

De Nederlandse VVD­staatsman Frits Bolkestein vergeleek Baudet in De Volkskrant met een verkoper van ‘slangenolie’, hij hoort hem lie­ver pianospelen.

’Bof, Baudet verkoopt geen on­zin, hij gooit wel het kind met het badwater weg. Maar ik geef het toe, een rol als public intellectual past hem beter dan een rol als politicus. Ik wou dat Vlaanderen meer van dergelijke persoonlijkheden telde, zeker op centrumrechts. Te weinig allochtonen zoals Montas­ser Alde’emeh of Ahmed Abouta­leb kiezen onze kant, laat staan dat ze voluit de kaart trekken van de Europese beschaving.’

Deelt u Baudets vrees voor ‘sou­mission’, de onderwerping aan de islam?

‘Ik geloof niet in een acuut ge­vaar. Ik vrees wel een tweedeling van Vlaanderen, waarbij in Ant­werpen en Gent islamgezinde par­tijen het samen met hun linkse bondgenoten voor het zeggen krij­gen en de suburbs een andere rich­ting uitgaan. Die politieke geogra­fie lijkt me niet gezond.’

‘Beschavingswaarden moeten centraal staan. Ze verbinden, ze behelzen onze fundamentele vrij­heden. Culturen onderscheiden zich in voeding, muziek en kledij, maar dat hoeft niet tot conflicten te leiden. Een multiculturele sa­menleving kan slechts harmonieus functioneren onder een koepel van basiswaarden. De radicale islam staat daar haaks op.’

Is onze samenleving moreel superi­eur?

‘Jazeker. De radicale islam slaat de geschiedenis toch snel met 1.000 jaar achteruit. Het Westen heeft zich vanaf de twaalfde eeuw bevrijd, toen het christendom de Griekse filosofie en de klassieke Oudheid integreerde en zo de basis legde voor het humanistische christendom. Dan heeft het nog eeuwen geduurd voor de Verlich­ting doorbrak.’

‘Het is geen kwestie van men­sen, wel van instellingen. De mens is een redelijk wezen dat kan den­ken, communiceren. Het liberalis­me geeft hiervoor de ruimte. Een systeem dat via schriftgeleerden bepaalt wat mensen moeten doen, wanneer ze moeten bidden, hoe ze zich moeten kleden, is minder menselijk.’

U mengt zich graag in het debat over de erfenis van mei 68.

‘Ik heb die periode actief be­leefd. Mei 68 was iconisch, maar had vele verschijningsvormen. In Polen richtte het zich tegen het communisme, in het Westen dweepten de voorlopers juist met datzelfde communisme. In Vlaan­deren was het een mengelmoes. Er was het herlevende marxisme, uit de archieven gehaald door grou­puscules. Er was een studentenre­formisme, de universitaire struc­turen waren toen zonder meer feo­daal. En er was de Vlaamse reflex, die streed voor de splitsing van de KULeuven.’

‘De diepere trend behelste de emancipatie van de jongeren, om te beginnen met seksualiteit. Ik heb de beklemmende jaren vijftig nog meegemaakt. (klopt op tafel) Thuis werd er niet over Marx ge­discussieerd, wel over de vraag of je met je lief naar bed mocht. Die seksuele bevrijding deinde uit. Mijn vader was een operaliefheb­ber, rock­’n­roll vond hij muziek voor apen. In zijn ogen kon een rechtenstudent geen jeansbroek dragen.’

Bart De Wever en zijn woordvoer­der Joachim Pohlmann beschou­wen mei 68 als een opstapje voor identitair nihilisme.

‘Ik ga niet mee in die zwaarmoe­ digheid. Mei 68 toont een drang naar meer individuele vrijheid, die strookt met onze beschavings­waarden. Al kan vrijheid nooit zonder verantwoordelijkheid. Ook moeten we bereid zijn om voor die waarden op te komen. Wie het he­donisme te ver doortrekt, dreigt de geschiedenis van het Romeinse rijk te kopiëren. Wie niet bereid is om voor die waarden iets op te of­feren, (grijnst) bijvoorbeeld door nieuwe legervliegtuigen te kopen, riskeert zijn eigen ondergang.’

‘Ook de secularisering vind ik positief. Vroeger was men dikwijls religieus door de sociale druk. Zelf ben ik protestant, op een manier waarop ik er zelf geen last van heb. En mijn omgeving ook niet. (scha­tert) Ik praktiseer weinig hoor. Maar ik ben christelijk opgevoed, ik heb dat nooit losgelaten. Je kan de Europese waarden nooit begrij­pen als je de christelijke roots uit­ veegt.’

Liberalen lopen meestal niet hoog op met identiteit.

‘Sommigen bezondigen zich aan identitair negationisme, in de trant van: wie over identiteit spreekt, plaveit de weg naar Auschwitz. Belachelijk. Een sa­menleving heeft collectieve patro­nen. Die moeten we niet negeren, maar omzetten in politieke stabili­teit. Met welke polis voelt een bur­ger zich verbonden? Een politieke groepsidentiteit mag worden inge­vuld. In Frankrijk is dat helder: egalité, fraternité et liberté. In Bel­gië ligt dat moeilijker.’

‘Verbonden met Vlaanderen of met België? Dat is de vraag van een miljoen. Ik vrees dat het altijd dub­bel zal zijn. Ik ben Vlaamsgezind, maar België kan op middellange termijn niet worden afgeschaft, tenzij er iets ergs gebeurd – Waalse communisten die 30 procent halen bijvoorbeeld. De winst van een on­afhankelijk Vlaanderen weegt niet op tegen de kosten: het verlies van Brussel en internationale conflic­ten. Geef mij maar een Belgium light, met een gesplitste sociale ze­kerheid.’

[top]