Artikel: Paniek over Brexit is niet nodig
Europa reageerde geschokt op de Britse stem voor uittrede uit de Europese Unie. Velen hadden een nipte overwinning voor het pro-EU kamp verwacht, maar vergaten daarbij dat “nipt” betekent dat ook de voorstanders van Brexit wel eens konden winnen. Onderschat nooit het volk binnen de Britse democratie.
(Artikel door Pieter Cleppe, lid van Libera! en vertegenwoordiger van de denktank Open Europe in Brussel, zoals eerst gepubliceerd op Express.nl op 10 juli 2016.)
Terwijl Europees Commissievoorzitter Juncker en de Ministers van Buitenlandse Zaken van de oorspronkelijke zes EU-lidstaten nogal vijandig reageerden, probeerde de Duitse kanselier Angela Merkel de gemoederen te sussen. Ze waarschuwde er voor om de Britten “nu niet kwaadwillig te gaan behandelen.”
Op de Europese top na het referendum, verklaarden de Europese leiders dat “toegang tot de interne markt niet kan zonder dat men de vier vrijheden aanvaardt, waaronder het vrij verkeer van personen.”
Dat laatste moet in elk geval eerder als onderhandelingstaal dan als een echte voorspelling worden begrepen. Ook zeiden ze de Britten nog wat tijd te gunnen om de onderhandelingsprocedure op te starten, wat niet geheel logisch is, gezien het feit dat het Verenigd Koninkrijk zelf kan beslissen wanneer het dat wil doen. Te lang wachten zou natuurlijk tot woede van het anti-EU kamp leiden.
Artikel 50?
Sowieso is het niet zeker dat Groot-Brittannië voor de procedure van artikel 50 van het EU-Verdrag kiest om de EU te verlaten. Daarbij heeft het zeer eurofederaal denkende Europees Parlement immers een veto over de uiteindelijke overeenkomst. Ook verkrijgt de Europese Unie bij deze procedure de controle over het tijdsverloop. Dit omdat een periode van twee jaar aanvangt op het moment dat het Verenigd Koninkrijk beslist om de EU-procedure op te starten. Die periode kan wel worden verlengd, mits unanieme instemming van alle lidstaten, maar het is onwaarschijnlijk dat één land zo’n verlenging zou blokkeren, want invoerrechten op Britse exports zouden snel leiden tot Britse invoerrechten op auto’s vanuit Duitsland of op goederen verscheept uit de havens van Rotterdam en Antwerpen. Het jobverlies dat hier mee gepaard zou gaan is niet bepaald iets waar Merkel of andere politici op zitten te wachten.
Na de aankondiging van de voormalige Londense burgemeester Boris Johnson, de meest prominente voorstander van “Brexit”, dat hij geen premier wil worden, is minister van Binnenlandse Zaken Theresa May nu favoriet. Zij was voorstander om in de EU te blijven, wat de onderhandelingen wellicht iets makkelijker zal maken. Aan de andere kant zou Andrea Leadsom, die voorstander was van een uittrede uit de EU, het wel eens kunnen halen.
In de onderhandelingen streeft de Britse regering zowel beperkingen op het vrij verkeer van personen als toegang tot de Europese interne markt na. Gezien het feit dat niemand op een handelsoorlog staat te wachten, zal men uiteindelijk wel een akkoord sluiten.
De City of London
Hoewel iedereen verliest bij handelsrestricties, worden zo’n akkoorden vaak gesloten met het oog op de belangen van grote exporteurs. Groot-Brittannië koopt meer goederen van het Continent dan omgekeerd, dus daar staat de Britse exportlobby sterk. Het voert echter meer diensten uit dan het die invoert, dus misschien komen er wel enkele beperkingen op de toegang tot de EU voor Britse financiële dienstverleners, ook al zou dit de kost van investeringen op het Continent opdrijven en misschien ook wel de kost voor Europese overheden om leningen aan te gaan.
De Londense City is immers de financiële kransslagader van Europa. Al mag het dan wel niet zo intelligent zijn om die af te snijden, Europese politici bewezen in het verleden meermaals de politieke boven de economische logica te verkiezen, ook al kwam dit nadien als een boemerang in het gezicht.
Op zeker moment moet de Europese Unie ook tot een overeenkomst komen met Zwitserland, dat in 2014 eveneens bij referendum stemde voor beperkingen op het vrij verkeer van personen vanuit de EU. Tot nu toe weigerde Brussel hierover te onderhandelen, maar nu ook Groot-Brittannië, een bijzonder grote markt voor Europese goederen, dit vraagt, staat het in de sterren geschreven dat een oplossing uit de bus komt die zowel voor Zwitserland als het VK toepasbaar is.
De EU kan door zijn jarenlange strategie om handelssamenwerking te misbruiken om politieke centralisatie na te streven de Brexit-stem alvast op zijn conto schrijven. Wil het echt voort op hetzelfde heilloze pad om elke flexibiliteit te weigeren? Zal het pogen om ook deze crisis te misbruiken om meer macht en geld naar Brussel over te hevelen of wordt het nu anders?
Naar Zwitsers of Noors model?
Velen over het kanaal willen dat Groot-Brittannië een gelijkaardige overeenkomst krijgt met de EU zoals die van Noorwegen, dat als lid van de “Europese Economische Ruimte” automatisch toegang geniet tot de Europese markt, maar dan ook automatisch de vele Europese regels zonder inspraak van het Noors Parlement moet overnemen. Zo’n oplossing met zo’n groot verlies aan nationale soevereiniteit werd bijvoorbeeld in Zwitserland reeds bij referendum geweigerd en het is waarschijnlijk dat dit ook in het VK politiek onhaalbaar is, wanneer men over het Kanaal beseft dat ook het Europese Hof van Justitie dan de ultieme beslissingsmacht behoudt. Die Europese rechters waren steeds een doorn in het oog van de eurosceptici.
Integendeel is het meer waarschijnlijk dat de Britten, zoals de Zwitsers, bilateraal onderhandelen over welke regels ze overnemen en welke markttoegang ze krijgen, al zal het in het geval van het VK dan wel in één groot verdrag worden gegoten, terwijl Zwitserland dit over de jaren heen heeft onderhandeld, sector per sector. Dit kan echter jaren in beslag nemen. Misschien wel zeven jaar, volgens Europees Raadsvoorzitter Donald Tusk. Dit betekent dat Groot-Brittannië wellicht nog jaren lid blijft van de Unie, maar dat er uiteindelijk wel een akkoord komt, gezien de grootte van de bestaande handel tussen beide partijen.
Veel voorstanders van Brexit zullen als het zo ver is al dan niet terecht klagen over het feit dat de Britse relatie met Brussel nog grotendeels ongewijzigd zal zijn. Zij die echter geloven dat “Brexit” er uiteindelijk niet zal komen, hebben het verkeerd voor. Onderschat nooit de macht van het volk binnen de Britse democratie, één van de oudste ter wereld.

