Artikel: Geld onder matras bedreigt kredietverlening
Het virus van de negatieve rentes waart door de wereldeconomie en steeds meer landen raken besmet.
(Artikel door Peter De Keyzer, hoofdeconoom van BNP Paribas Fortis en laureaat van de Prijs voor de Vrijheid 2014, zoals gepubliceerd in De Tijd van 4 maart 2016.)
Zowat een kwart van het wereldwijde bruto binnenlands product (bbp) wordt geproduceerd in besmette landen, terwijl een op de drie overheidsobligaties in Europa is aangetast. Centrale banken kiezen steeds meer voor negatieve rentes in een poging hun groei aan te zwengelen en hun munt te verzwakken en zo groei te stelen van hun handelspartners. Hoe is het zover kunnen komen en wat staat ons nog te wachten?
Eerst en vooral: de afgelopen decennia zijn alle rentes structureel gedaald. De vergrijzing van de bevolking speelt een aanzienlijke rol. Want in een vergrijzende samenleving hebben we lagere rentes nodig om de groei constant te houden.
Beeld je een samenleving in die bestaat uit 30-jarigen met een hypotheek met variabele rente. Een renteverlaging van 5 procent naar 0 procent betekent voor hen een gigantische besparing op hun maandelijkse afbetaling. Geld dat ze allicht zullen uitgeven.
Kijken we nu naar een samenleving van 70-jarigen die leven van de rente op hun spaarboekjes en kasbons. Voor hen betekent de lagere rente een daling van hun inkomen en minder consumptie.
Spaaroverschot
De vergrijzing van de bevolking de afgelopen decennia leidt ertoe dat de groei steeds minder zal reageren op lagere rentes. Of met andere woorden: de rente moet steeds lager en lager dalen om de groei op peil te houden. Ook de lagere trendgroei en het wereldwijde spaaroverschot verklaren de structurele rentedaling.
Met andere woorden: zelfs zonder centrale banken zou de rente vandaag bijzonder laag zijn. Waar je wél een centrale bank voor nodig hebt, is om de rente écht onder nul te duwen. Dat is wat velen overwegen om de groei toch op te krikken.
Het probleem is dat negatieve rentes veel negatieve bijwerkingen hebben. Bij negatieve rentes zullen steeds meer mensen hun geld niet langer bij de bank aanhouden, maar onder hun matras stoppen. Paradoxaal genoeg zal het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) daardoor minder goed werken. Bancaire kredietverlening gebeurt immers op basis van de deposito’s die mensen aanhouden bij de banken. Meer geld onder de matras betekent minder geld op de bank en dus minder kredietverlening.
Trendbreuk
Dat zou een trendbreuk betekenen met de afgelopen decennia. Dankzij technologie en digitalisering daalde het aandeel van de cash in de samenleving structureel. Sinds de crisis is die trend gekeerd. In Nederland bedroeg in 2002 de waarde van alle bankbiljetten in omloop 7 procent van de totale consumptie. Tegen 2015 – bij een bijna-nulrente – was dat percentage al opgelopen tot 18 procent.
Als rentes echt negatief worden, zullen mensen nog meer cash willen aanhouden, met alle gevolgen van dien voor de kredietverlening. De enige manier om dat te vermijden, is een zo mogelijk nog grotere kunstgreep: cash geld bestraffen.
De 19de-eeuwse Duitse econoom Silvio Gesell had daar een oplossing voor bedacht. Hij stelde voor dat cash geld alleen maar zijn waarde kon behouden als het elke maand door de overheid werd afgestempeld. Mensen zouden moeten betalen per keer en per biljet dat ze laten afstempelen. Zo zou het aanhouden van cash minder aantrekkelijk worden.
Een tweede stap is veel effectiever, maar tegelijk veel radicaler en bijgevolg minder voor de hand liggend: maak het op allerhande manieren gewoon veel moeilijker om cash aan te houden.
Oppotten
De ECB komt volgende week opnieuw met een aantal nieuwe maatregelen. Allicht verlaagt ze de nu al negatieve depositorente voor de banken nog verder. Als ze wil dat dat beleid leidt tot meer groei en kredietverlening, moet ze tegelijk garanderen dat mensen niet massaal bankbiljetten gaan oppotten.
Is het dan toeval dat diezelfde ECB recentelijk aankondigde dat ze overweegt om het biljet van 500 euro uit circulatie te halen en misschien ook dat van 200 euro? De officiële reden die ze opgeeft is: ‘Het bestrijden van de handel in drugs, wapens en prostitutie, die vaak gebruikmaken van die grote coupures.’

