Artikel: Het einde van de Zweedse droom
Voor alle duidelijkheid, de titel hierboven slaat niet op de slaagkansen van de Belgische regering. Hij gaat over de steeds grotere donkere wolken boven de Zweedse economie en samenleving, toch vaak een gidsland in deze contreien.
(Artikel door Peter De Keyzer, hoofdeconoom van BNP Paribas Fortis en laureaat van de Prijs voor de Vrijheid 2014, zoals gepubliceerd in De Tijd van 8 januari 2016.)
Laten we beginnen met het goede nieuws. Zowel de inflatie als de werkloosheid in Zweden is laag, de overheidsschuld bedraagt nauwelijks 40 procent van het bbp en de economie staat witheet. Wat is dan het probleem?
Eerst en vooral ontstaat in Zweden een vastgoedzeepbel van epische proporties. De combinatie van recordlage rentes, een gulle hypotheekrenteaftrek en strenge restricties op de ontwikkeling van nieuwe woningen stuwt de huizenprijzen fors de hoogte in. Alleen al in 2015 stegen de huizenprijzen met nagenoeg 20 procent. Voorlopig lijkt er nog geen einde te komen aan de vastgoedbonanza.
De centrale bank heeft impliciet beloofd de vastgoedzeepbel nog wat verder op te blazen. Ze stelt dat de lage inflatie haar enige bekommernis is. Zolang die niet hoger gaat, jaagt voorzitter Stefan Ingves de gelddrukpers verder aan. De Zweedse groei is misschien zowat de hoogste van heel Europa, de officiële rente in Stockholm is met -0,4 procent zelfs nog lager dan die in Frankfurt.
De schuldgraad van de overheid is dan wel laag, de schuldgraad van de gezinnen gaat fors hoger. De gemiddelde schuldgraad van een Zweeds gezin bedraagt 170 procent van zijn jaarlijkse inkomen. Dat is twee keer zoveel als bij een Belgisch gezin. Bijna een kwart van de Zweedse gezinnen torst een schuld van meer dan 500 procent van hun jaarlijkse inkomen. De economie is dan ook bijzonder gevoelig voor wat er gebeurt met de prijzen van het vastgoed.
Door de withete vastgoedmarkt consumeren de Zweden hun vastgoedmeerwaarden en stuwen ze met hun investeringen in vastgoed de economie verder naar omhoog.
Tegen die instabiele achtergrond veroorzaakt de grote instroom van migranten een torenhoog maatschappelijk en politiek probleem. In geen enkel Europees land nam de migratie de afgelopen jaren sterker toe dan in Zweden. Zei Angela Merkel ‘Wir schaffen das’, dan zei de Zweedse rood-groen-communistische coalitie ‘Wir schaffen das gerade besser’. Alleen al in 2015 bedroeg de migratie in Zweden 1,5 procent van de totale bevolking, meer nog dan in Duitsland. Hoeveel migratie kan een land aan? Voor het maatschappelijk draagvlak voor migratie bestaan geen fijne meetinstrumenten. Toch geven zowel de invoering van de grenscontroles als de meest recente opiniepeilingen aan dat in Zweden het politieke en maatschappelijke draagvlak is opgebruikt.
Een goede integratie van migranten op de arbeidsmarkt vergroot de draagkracht van een economie. Een slechte integratie vergroot de staatsschuld. Zweden lijkt steeds minder goed te slagen in die integratie. De werkloosheidsgraad bij migranten is substantieel hoger dan die bij de Zweden. En de kloof werd de voorbije jaren steeds breder.
Het gevolg is dat de extreemrechtse Svenskademokraterna in de peilingen zowat een kwart van de Zweedse kiezers kan bekoren. Als er vandaag verkiezingen plaatsvinden, zou de partij meteen de grootste worden. En dat terwijl er nog geen enkel probleem is met de economie, de begroting of de huizenmarkt.
Het wordt voor de Zweedse regering een epische onderneming om al die uitdagingen het hoofd te kunnen bieden. Eerst en vooral minder restricties op de bouw van nieuwe woningen, een liberalisering van de huurmarkt en een verlaging van de aftrek van hypotheekschulden. Dat zou wat lucht moeten laten uit de vastgoedzeepbel. Om migranten meer kansen te geven zijn inburgeringstrajecten nodig, lagere brutominimumlonen en een veel flexibeler arbeidsmarkt.
Als de Zweedse regering niets doet, zal het land binnenkort pijnlijk ontwaken terwijl het afrekent met drie gelijktijdige uitdagingen: de vastgoedzeepbel, de migratiestroom en de torenhoge schuldgraad van de gezinnen. In afwachting dan ook een kleine tip: laat ons voorlopig Zweden niet meer hanteren als het gidsland.

