29 Oct 2016

Artikel: Die Brexit komt er nooit

0 Comment

Peter De KeyzerWaarom de Britten geen werk zullen maken van hun vertrek uit de EU.

(Artikel door Peter De Keyzer, hoofdeconoom van Growth Inc. en laureaat van de Prijs voor de Vrijheid 2014, zoals gepubliceerd in De Tijd van 28 oktober 2016.)

‘Welcome to the Hotel California
You can check out any time you like
But you can never leave…’
– Eagles

Een minuscule regio van 4 miljoen inwoners heeft deze week getoond dat hij een vrijhandelsakkoord tussen 550 miljoen andere westerlingen kan torpederen. De leider van die regio is er alvast in geslaagd om zich te positioneren als Alexis Tsipras 2.0, die van Samber en Maas. Paul Magnette is in zijn strijd tegen het verfoeilijke grootkapitaal bereid desnoods de reputatie van België als open, exportgeleide en compromisbereide natie te vernietigen.

Het CETA-debacle smeedt tegelijk vreemde allianties. Van Marine Le Pen tot Paul De Grauwe, en van de PVDA tot het Vlaams Belang. Allen vinden CETA een slecht idee. Sommigen vinden zelfs dat alle handelsakkoorden maar beter tijdelijk de ijskast ingaan. Wat moeten we dan doen met de Europese Unie zelf? Die is het grootste en meest verregaande handelsakkoord uit de Europese geschiedenis. Dat gaat meteen naar de kern van het huidige debat: ligt de beslissingsmacht in handelsonderhandelingen bij Europa of bij de soevereine regio’s en lidstaten?

Het collectieve verzet tegen CETA heeft daar geen duidelijk antwoord op. De tegenstanders zien de Waalse tegenstand als een moedig soeverein verzet tegen de neoliberale Europese pletwals. Een roep om inspraak vanwege de burgers tegenover elites die in verre ivoren torens onderhandelingen voeren.

De Ierse soevereiniteit kon diezelfde activisten dan weer niks schelen. Toen de Europese Commissie enkele maanden geleden Apple een monsterboete van 14 miljard euro oplegde, stond verenigd links voor datzelfde Europa te juichen om zoveel rechtvaardigheid. De fiscale soevereiniteit van een individuele lidstaat was toen blijkbaar van geen tel.

Toen de Britten in een referendum hun eigen soevereiniteit opeisten, werden ze door iedereen verketterd. Iedereen wist toch wel dat Europa goed is voor de mensen, domme Britten toch.

De pijnlijke conclusie van de CETAaffaire is dat zelfs individuele lidstaten of deelstaten handelsakkoorden kunnen tegenhouden. Probeer ze die bevoegdheid nu maar eens af te pakken. Dat belooft weinig goeds voor de brexitonderhandelingen.

Vanaf het moment dat Londen artikel 50 inroept, heeft het land exact twee jaar om een akkoord te sluiten met de EU over een nieuw verdrag. Het handelsluik zal daarvan een heel groot deel uitmaken. Is er na twee jaar geen akkoord dan wordt het VK automatisch uit de EU gezet. Tenzij de EU unaniem beslist om verlengingen te spelen.

De afgelopen weken hebben we gezien hoe het in de EU met die unanimiteit zit. Zelfs na zeven jaar onderhandelen kan een akkoord met een doodbraaf en niet-gecontesteerd land als Canada nog vlot worden getorpedeerd. Wat dan met het VK? Er zijn gewoon te veel landen die nog een rekening willen vereffenen met de Britten. Als zelfs een voormalige EU-commissaris als Michel Barnier al eist dat de brexitonderhandelingen in het Frans zouden verlopen, moeten de Britten de bui al voelen hangen.

Met andere woorden: artikel 50 inroepen staat gelijk met een politieke, economische en diplomatieke genadeslag voor het VK exact twee jaar later. In de Turkse bazaar van onderhandelingen blijft het land hoe dan ook gepluimd achter.

Dat is de paradox van de brexitdiscussie. Als alle landen en regio’s hun soevereiniteit opeisen om aan de brexitonderhandelingen deel te nemen, krijgt het VK zijn eigen soevereiniteit nooit terug. Of zoals de Eagles al zongen: je kan uitchecken uit de Europese Unie, wegraken zal je er nooit.

[top]