04 okt 2021

Artikel: Waarom goud?

0 Reacties

Wanneer u beslist goud te kopen om waarde te behouden, is het belangrijk te begrijpen waarom precies dit metaal historisch werd verkozen als strategie om bezittingen te beschermen in woelige tijden.

(Dit artikel van Libera!-bestuurder Pieter Cleppe verscheen oorspronkelijk op 3 oktober 2021 op de financiële website Consul-Fund.)

Het is niet makkelijk om op die vraag te antwoorden. Uiteindelijk weten we alleen dat goud al duizenden jaren als waardevol wordt beschouwd. Begrijpen waarom, blijft giswerk. Hieronder eerst een beknopte geschiedenis.

Meer dan 2500 jaar geleden werd de eerste gouden munt gecreëerd, op bevel van Koning Croesus van Lydië. Later werd goud als betaalmiddel gebruikt door Perzië, de Grieken, de Romeinen, en de periode nadien. Dat duurde tot 1661, toen de Zweedse private bank Stockholms Banco voor het eerst in Europa zogenaamde “biljetten aan toonder” uitgaf die niet volledig door een metalen inleg waren gedekt. Het eerste gebruik van papiergeld is opgetekend in China in de 7e eeuw, waar men het “vliegend geld” noemde, gezien de neiging ervan om waarde te verliezen.

De Europese China-reiziger Marco Polo beschreef het vermogen van Koeblai Khan, die China in 1279 veroverde, om “zo’n grote hoeveelheid van dit geld, dat hem niets kost, te hebben geproduceerd, dat het wel zo groot moet zijn als alle schatten in de wereld”. Interessant is dat volgens Marco Polo, ondanks de aanvankelijke voordelen, dit het eindresultaat was: “De beste families in het rijk werden geruïneerd, een nieuwe groep mannen kreeg de controle over het beleid, en het land werd het toneel van interne oorlogen en verwarring.”

Allicht klinkt dit niet onbekend in de oren. De opeenvolgende Europese experimenten met papiergeld werden uiteraard warm omarmd door machthebbers van allerlei pluimage, omdat het monetaire financiering van hun uitgaven mogelijk maakte en veel praktischer was dan de oude praktijk om op frauduleuze wijze het percentage echt metaal in munten te verminderen, een kunst die werd beheerst door de Romeinse keizers, totdat Constantijn na enkele minder positieve ervaringen de gouden “solidus” zou introduceren, een pure gouden munt die uitgroeide tot “de dollar van de middeleeuwen”.

De Bank of England begon op haar beurt vanaf 1694 bankbiljetten uit te geven. Gewoonlijk dient papiergeld om zaken te financieren die niet zo populair zijn. Deze instelling werd dan ook opgericht om een zoveelste oorlog tegen Frankrijk te financieren.

In Schotland werd een grootschalige onderneming om het huidige Panama te koloniseren tot op zekere hoogte met papiergeld gefinancierd. Dit zogenaamde “Darien scheme” was geïnspireerd door de Schotse econoom William Paterson, een van de oprichters van de Bank of England. De mislukking bracht Schotland zware financiële schade toe, waardoor het volgens sommigen gedwongen werd in 1707 een unie met Engeland te aanvaarden.

Dit precedent weerhield Frankrijk er niet van een soortgelijke fout te maken. Onder leiding van de Schotse monetaire adviseur John Law, een echte oplichter, begon Frankrijk de kolonisatie van het Amerikaanse Louisiana met papiergeld te financieren, nadat het Law had aangesteld als Controleur-Generaal van Financiën. Law slaagde erin de Franse regering ervan te overtuigen hem een bank te laten openen, de “Banque Générale”, die papiergeld kon uitgeven, iets wat nieuw was in Frankrijk.

Zoals te verwachten, gaf de bank een buitensporige hoeveelheid bankbiljetten uit, die intussen door de Franse staat tot wettig betaalmiddel waren verklaard, wat aanleiding gaf tot een nieuwe grote investeringsluchtbel, die bekend staat als de “Mississippi Bubble”.

Uiteindelijk werden Law en zijn trawanten gedwongen om net zoals Nixon de omzetting in goud te beperken, wat in januari 1720 uitmondde in een maandelijkse Franse inflatie van 23 procent, met een economische ramp als gevolg. Law moest het land ontvluchten en het zou nog tachtig jaar duren voordat Frankrijk opnieuw papiergeld in zijn economie zou introduceren, door Franse Revolutionairen.

De beroemde Duitse toneelschrijver Goethe beschreef op satirische wijze de gevaren van papiergeld in “Faust”. Goethe zelf diende als minister van financiën van het hertogdom Saksen-Weimar, vanaf 1784, en slaagde erin Hertog Karl August ervan te overtuigen niet met papiergeld te experimenteren. Goethe bleek gelijk te hebben over de Franse revolutionairen. Hun plan met afgeschreven papiergeld, “Assignaten” genoemd, stortte uiteindelijk in. Als generaal ging Napoleon, die fel gekant was tegen papiergeld, in tegen de instructies van het toenmalige Franse regime, het “Directoire”, om zijn leger in Assignaten te betalen. In plaats daarvan betaalde hij hen in gouden munten, wat hem loyaliteit opleverde. Hij voerde ook de gouden franc in.

In 1729 had de Franse Verlichtingsschrijver Voltaire al gewaarschuwd dat “papiergeld uiteindelijk terugkeert naar zijn intrinsieke waarde – nul”, maar later in de geschiedenis neigden regeringen steeds om dit te negeren, van de Amerikaanse revolutionairen met hun “Continentals” over de Duitse Weimar-republiek in 1923, tot Zimbabwe in 2007-2008 en het hedendaagse Venezuela, Turkije en Libanon, met als consistente uitkomst dat mensen worden geruïneerd.

Gedurende dit alles zou het bezit van fysiek goud een goed idee zijn geweest. Keer op keer is gebleken dat het de methode bij uitstek is voor mensen om minstens een deel van hun bezittingen te beschermen.

Waarom goud dan, en niet iets anders? Een artikel door mijn-expert Nicholas Le Pan vergelijkt goud met allerlei andere chemische elementen en metalen. Het biedt allicht een degelijke verklaring:

“Na eliminatie van bovengenoemde elementen, blijven er slechts vijf edele metalen over: platina, palladium, rhodium, zilver en goud. Mensen hebben zilver als geld gebruikt, maar het wordt na verloop van tijd bezoedeld. Rhodium en palladium zijn meer recente ontdekkingen, met beperkte toepassing in de geschiedenis.

Platina en goud zijn de overblijvende elementen. Het extreem hoge smeltpunt van platina zou in de oudheid een Goddelijke oven vereisen om het te smelten, waardoor het onpraktisch is. Dan blijft goud over. Het smelt bij een lagere temperatuur en is buigzaam, waardoor het gemakkelijk te bewerken is.

Goud verdwijnt niet in de atmosfeer, het zorgt niet voor vlammen, en het vergiftigt of bestraalt de houder ervan niet. Het is zo zeldzaam dat het moeilijk te overproduceren is en het is zo smeedbaar dat het tot munten, staven en bakstenen kan worden geslagen. Beschavingen hebben goud altijd gebruikt als een materiaal met waarde.”

Hoe zit het met surrogaten voor fysiek goud?

Zeker, door de eeuwen heen zijn er alternatieven voor goud geweest, met zilver als de meest opmerkelijke. Zilver is misschien betaalbaarder, maar de prijs is ook volatieler, omdat het meer wordt gebruikt in de industrie.

Tegenwoordig kan men goud en zilver ook digitaal kopen, bijvoorbeeld via goud en zilver ETF’s. Er is echter een bloeiende literatuur over waarom het beter is om fysiek te kopen, van de vrees dat ETF’s misschien niet het edelmetaal bevatten dat ze beloven tot het zogenaamde “tegenpartijrisico”. Dat betekent “de mogelijkheid dat de andere partij in een overeenkomst in gebreke blijft of zijn verplichtingen niet nakomt”. De Canadese goudkever Eric Sprott, ooit omschreven als “een van ’s werelds meest vooraanstaande goud- en zilverbeleggers”, heeft zijn reputatie verbonden aan fondsen die beloven 100% van het goud of zilver dat ze beweren te bezitten ook daadwerkelijk te bezitten.

Sprott heeft er ook op gewezen dat “veel mensen die anders misschien naar goud zouden zijn gegaan, naar crypto’s zijn gegaan.” Dat is natuurlijk het geval, maar zoals ik in een artikel over crypto duidelijk maak, moeten degenen die in crypto beleggen zich realiseren dat de waarde ervan als opslagplaats van waarde afhangt van de mate waarin de autoriteiten het zullen toestaan om te overleven. De ervaring met “E-gold” is op dat vlak niet positief.

Gezien het belang voor de overheidsfinanciën van – digitale – gelddrukpersen, kan men er vrij zeker van zijn dat de meeste regeringen bitcoin en crypto’s zullen willen verbieden of sterk beperken, wat met E-gold dus gebeurde. Op dit moment is er trouwens Amerikaanse wetgeving in voorbereiding om crypto zwaar te gaan inperken.

“Bitcoin maximalisten” hebben andere cryptovaluta ervan beschuldigd veiligheidslekken toe te laten die hen kwetsbaar maken voor een overheidsverbod, iets waarvan zij beweren dat het minder waarschijnlijk is dat het met bitcoin gebeurt. Zelfs de grootste bitcoin-gelovige zal echter moeten toegeven bitcoin op dat vlak nog steeds niet echt is getest. Dit terwijl goud zich al duizenden jaren heeft bewezen als een nuttige opslagplaats van waarde.

[begin]