24 mrt 2021

Artikel: Europa op kruispunt van geschiedenis

0 Reacties

De Europese Unie is een model voor een wereld die steeds minder bestaat. Ze verandert voor onze ogen in de antithese van haar oorspronkelijke idealen.

(Artikel door professor Marc De Vos, decaan aan de Macquarie University in Sydney, oprichter en bezieler van het Itinera Institute, en laureaat van de Prijs voor de Vrijheid 2019, zoals oorspronkelijk gepubliceerd in De Tijd van 24 maart 2021.)

Een nieuwe Europese top, een nieuwe crisis. In de Europese vaccinatiechaos wordt de Europese Commissie met de vinger gewezen. De fundamenten van het probleem liggen dieper. Soevereine natiestaten hebben een straat voorsprong op een supranationale organisatie als de Unie. De Unie speelt met budgetnormen, procedureregels en contracten een bureaucratisch spel, terwijl staten zonder limieten vaccinatiepolitiek kunnen bedrijven. Het Verenigd Koninkrijk en de VS konden het geld door de vensters gooien in een alles-of-nietsrush naar de vaccinatiemeet. De Unie kon en kan dat niet.

De Europese Unie is een exponent van een wereldorde van open grenzen, grensoverschrijdende productieketens en transnationale regels: de globalisering. De pandemie is een exponent van de nieuwe wereldorde. Daarin zijn grenzen, nationale productie en nationale macht doorslaggevend. We zullen in de komende jaren steeds een totale vaccinatiecapaciteit paraat moeten hebben voor nieuwe virusvarianten. Dat kan de Unie niet aan.

China was nooit volledig lid van de globalisering, alle vrome wensen over ‘het einde van de geschiedenis’ ten spijt. China volgt alleen de regels die China uitkomen. Het vaart steeds meer een eigen koers, economisch, technologisch, geopolitiek en militair. China geldt nu als verloren voor het Westen, een strategische tegenstander, niet alleen in belangen maar ook in waarden. Precies daarom kiest de VS voor het tegengewicht van economisch nationalisme en mensenrechten.

De twee zwaargewichten van de wereldeconomie kiezen voluit voor nationale productie en handel op maat van hun nationale suprematie en veiligheid. De ruggengraat van de Europese Unie is een interne markt van open handel. We staan met onze billen bloot. De Unie heeft de combinatie van relance en klimaatbeleid aangegrepen om ook voor een Europese verankering te kiezen. Maar de Unie is opgezet om de staat uit de economie te houden. Ze is slecht geplaatst om het omgekeerde te organiseren.

Het idee dat je het beleid van lidstaten kunt dirigeren met programma’s en rapporten vanuit het Berlaymontgebouw is al vele keren gestorven. Op het einde van de rit zullen al die Europese subsidies voor batterijen, chips, groene technologie en wat nog meer vooral de aloude statelijke realiteiten onderhouden: Duitse industrie, Franse multinationals, Zuid-Europese verkwisting, Oost-Europese corruptie en Belgische mengelmoes.

Budgethygiëne

Op budgettair vlak stond de architectuur van de euro voor Europese verantwoordelijkheid, onderstut door een centrale bank met een technocratisch mandaat. Sinds de eurocrisis is de Centrale Bank steeds meer als drukpers gepolitiseerd. Sinds de pandemie is elke budgethygiëne weg. Sinds het relancebeleid organiseert de Unie zelf nieuwe schulden. De Unie was een mechanisme voor convergentie in beleid en welvaart. Ze wordt een mechanisme voor het onderhouden van de schuldverslaving in landen die al kraakten onder de overheidsschulden en niet-gefinancierde beloften.

De wereldorde desintegreert omdat de consensus over haar beginselen desintegreert. We maakten internationale regels omdat we geloofden in de gemeenschappelijke meerwaarde van markten en handel. Dat geloof is weg. In de plaats staat het nationaal belang dat regels door macht verdringt. Ook in dat spel staat de Unie ongewapend. Er is geen Europese machtsstrategie. Er zijn alleen nationale lidstaten met hun verschillende geschiedenis en belangen.

Met het Verenigd Koninkrijk op solokoers klinkt de roep voor Europese strategische autonomie, los van het Amerikaanse anker. Dat is wishful thinking, tenzij als selectief doorslagje van een dominant Duitsland of een ambitieus Frankrijk. Het recente investeringspact met China draagt de stempel van Duitsland, dat zijn belangrijkste handelspartner te vriend wil houden. De relaties met het ontspoorde Poetinregime in Rusland, inclusief de betwiste Nord Stream-gasleiding, dragen de sporen van Europese lidstaten die cultuurhistorisch, economisch of strategisch Rusland niet tot vijand willen of kunnen maken. Om dezelfde reden blijft het bij symbolisch Europees geblaf over de Krim, Oekraïne, de Balkan of Wit-Rusland.

Blamage

De Europese Unie zag zichzelf ooit als een model van ‘soft power’, dat dankzij een grote markt en respect voor de mensenrechten de rest van de wereld zou inspireren, te beginnen met het eigen continent. Ook die realiteit ligt aan diggelen. Europa predikt zonder te praktiseren. Het slaagt er zelfs niet in de basis van de rechtsstaat op haar grondgebied te garanderen, getuige Hongarije en Polen. De belangrijkste test voor de Europese mensenrechten is in een beschamende blamage geëindigd. De vluchtelingencrisis werd uitbesteed aan een Turkije dat uitblinkt in het schenden van alle mensenrechten. Turkije blijft wel nog kandidaat-lidstaat en de autocraat Recep Tayyip Erdogan kan ongehinderd zijn kwalijke gang gaan in het Midden-Oosten, Afrika en elders.

Of het nu gaat over de volksgezondheid, de handel, de economie, de overheid, de muntunie, het budget, de geopolitiek of zelfs de fundamentele normen en waarden, de Unie is een model voor een wereld die steeds minder bestaat. Ze transformeert voor onze ogen in de antithese van haar oorspronkelijke idealen. Voor kleine lidstaten als België is dat slecht nieuws. De Europese globalisering was onze groeimotor, het Europese macro-economische en monetaire beleid was onze hervormingsmotor. Relancedoping is maar een dun laagje vernis op minder groeikansen, minder hervormingsambitie en meer oneerlijke concurrentie tussen staten.

Alleen als de lidstaten samen kiezen voor een andere en gemeenschappelijke weg kan het Europese project worden heruitgevonden voor de wereld van de 21ste eeuw. Maar die lidstaten opereren al lang in een reactiemodus die de Unie steeds meer gebruikt voor de promotie van hun nationale belangen. Dat is een affront voor de generatie die het Europese project op de ruïnes van de Tweede Wereldoorlog heeft gebouwd. Binnenkort start de Unie met een poging tot pan-Europese burgerparticipatie over de toekomst van Europa. Ik hoop dat de burgers hun leiders kunnen inspireren.

[begin]