30 jun 2014

Lezing: Welkomstwoord Prijs voor de Vrijheid 2014

0 Reacties

Boudewijn BouckaertBeste genodigden. Met plezier verwelkom ik u op de uitreiking van de Libera!-Prijs voor de Vrijheid 2014 aan de heer Peter De Keyzer, hoofdeconoom van de bank BNP Paribas Fortis. Deze Prijs is al de twaalfde in rij, zeven werden er uitgereikt door Nova Civitas, vijf door de huidige denktank Libera!.

Ik hoop dat deze traditie in Vlaanderen zal worden verdergezet ook na mijn actief leven dat nu al in de pensioen fase gekomen is en waardoor mijn lot in de handen ligt van de laudatiogever van vanavond, vice- premier Alexander De Croo.

(Lezing door Boudewijn Bouckaert)
Download hier het welkomstwoord in PDF

Aangezien elke laureaat zijn eigen achterban meebrengt, zodat we dus elk jaar een verschillend publiek hebben, is een klein woordje uitleg over de denktank Libera! wel op zijn plaats. Libera! is een denktank die probeert, hier in ons kleine Vlaanderen, de klassiek-liberale gedachte, als bron voor beleidsinitiatieven, levendig te houden en uit te dragen. Onder klassiek-liberaal verstaan wij in de eerste plaats het streven naar ‘limited government’, een overheid die in een samenleving een noodzakelijke maar tevens ook maar een beperkte, welomschreven rol speelt. Een overheid wiens taak voornamelijk ligt bij het handhaven van een aantal algemene spelregels, waarbinnen de leden van de samenleving en de bedrijven in de economie hun handelingen succesvol kunnen coördineren.

Wij verwerpen het beeld van de samenleving als één groot bedrijf geleid door ministers die optreden als super- CEO van de samenleving. Om het in termen van Hayek te stellen, de overheid moet voornamelijk ‘nomocratisch’ van aard zijn, nl. algemene regelen handhaven waarbinnen burgers en bedrijven hun doeleinden kunnen nastreven, en niet ‘teleocratisch’ waarbij de overheid vanuit collectieve doelstellingen de burgers stuurt in richtingen die door een politieke elite zijn gekozen. In de bescheiden brochure die u bij het binnen komen werd ter hand gesteld vindt u een overzicht van een aantal studies die wij hebben uitgevoerd vanuit deze klassiek liberale invalshoek.

Als denktank staat Libera! onafhankelijk tegenover de politieke partijen van ons land. Op Europees vlak zijn we evenwel geaffilieerd met NEW DIRECTION, de denktank van de European Conservatives and Reformists. Ik ben er mij van bewust dat affiliaties op Europees vlak tot allerlei irritaties kunnen leiden, maar ik wens te benadrukken dat Libera! hierin geen enkele rol heeft gespeeld en ook niet wenst te spelen. Iedereen die het klassiek-liberale gedachtengoed genegen is, is welkom bij ons.

Dames en heren, dit jaar herdenken we het begin van de eerste wereldoorlog. Het is moeilijk aan deze hype te ontsnappen. Het is misschien niet zo erg als het WK-voetbal maar dat laatste zal sneller voorbij zijn. Met de herdenking van WO I zijn we nog een viertal jaar bezig. De eerste wereldoorlog is ook voor klassiek-liberalen interessant want de eerste wereldoorlog stelde een einde aan een dynamiek die grotendeels op klassiek-liberale ideeën berustte. De Belg de Molinari, wiens naam aan de lezing werd gegeven, was een uitgesproken exponent van deze gedachte. Hij stierf nog voor de eerste wereldoorlog met een pessimistisch gemoed want hij zag de gevaren van het imperialisme, militarisme, protectionisme en economisch nationalisme opdoemen.

Over de periode voor de eerste wereldoorlog wordt dikwijls een zeer negatief beeld opgehangen. Als Vlamingen denken we hier bijvoorbeeld aan de schrijnende sociale toestanden in de Aalsterse textielbedrijven en leerlooierijen waarvoor priester Daens actie heeft gevoerd en waarover Louis Paul Boon zulke pakkende novelles heeft geschreven. Indien we ons echter losmaken van plaatselijke, en inderdaad onaanvaardbare sociale toestanden, maar het plaatje in zijn geheel bekijken, dan zien we, wat België betreft- maar het kan uitgebreid worden over heel West-Europa – sinds 1870 een steeds stijgende curve van het bruto binnenlands product en van zodra deze stijging sneller gaat dan de demografische groei beantwoordt daar ook een stijging van de individuele welvaart aan, die tot uiting komt in de stijging van reële lonen.

Het bewijs daarvan wordt een beetje paradoxaal geleverd door het enorme succes van de socialistische en andere mutualistische initiatieven waarbij allerlei sociale verzekeringen werden ontwikkeld. Arbeiders konden een steeds groter deel van hun loon in sociale verzekeringen stoppen terwijl het aandeel van uitgaven voor basisgoederen zoals voedsel en kledij gestaag terugliep. De groei van de economie was onder meer te danken aan een uitgebreid systeem van vrijhandel dat deels te danken was aan de koloniale imperia maar ook aan een uitgebreid netwerk van vrijhandelsverdragen. Er kon in Europa vrij gereisd worden, de culturele centra waren multicultureel avant la lettre en in Centraal-Europa bestond reeds een grote vrijhandelszone avant-la-lettre, nl. het Oostenrijks-Hongaarse rijk waarvan het einde, dezer dagen zeventig jaar geleden met de moord op aartshertog Franz-Ferdinand is begonnen.

Een terug blik op deze ‘belle époque’ van het klassiek-liberalisme nodigt uit tot ‘counterfactual history’ of om het in VRT-termen te stellen tot ‘wat als’- speculaties. Wellicht was de trend naar meer welvaart, naar meer sociale zelforganisatie, naar meer vrijhandel, naar verdere wetenschappelijke ontwikkeling, naar verdere culturele verfijning, naar meer democratisering onverminderd doorgegaan. Wellicht hadden we dan geen sociale zekerheid maar een multitude van sociale verzekeringsnetwerken, die, omdat ze op vrijwilligheid berustten en hun verliezen niet kunnen afwentelen op de belastingbetaler, solvabel gebleven waren. Wellicht zou het overheidsbeslag dan geschommeld hebben rond de 25 % à 30 %, zoals nu bij de Aziatische tijgers, en was een minister van pensioenen niet nodig geweest want de pensioenen zouden uitbetaald worden door private of mutualistische pensioenfondsen gebaseerd op kapitalisatie. En wellicht zou er ook geen bankencrisis geweest zijn want onder een klassiek-liberaal bestel is het voeren van een sociaal woningbeleid via het verplichten van banken hypothecaire leningen te verschaffen aan ‘no income no job no assets-people’ hetzelfde als vloeken in de kerk.

Dames en heren, dergelijke ‘wat als’- oefeningen zijn leuk maar produceren op zich zelf natuurlijk geen oplossingen voor het heden. Ons een beeld vormen hoe het zou kunnen geweest zij zonder de etatistisch-collectivistische en protectionistische vloedgolf die Europa overspoelde na WO I, is evenwel nuttig omdat het een aanleiding kan zijn om de huidige trend naar steeds meer staat en steeds meer overheidsbeslag ten gronde ter discussie te stellen. België heeft een overheidsbeslag van ongeveer 54 %. Als we verder gaan op dit pad is België binnen paar decennia een communistische staat.

De toekomstperspectieven hierover bieden zich aan als een mengsel van een lach en een traan. Een traan omdat ook nu in de laatste verkiezingscampagne en de verkiezingsuitslag blijkt dat hervormingen, hoe onschuldig ook, zeer moeilijk te verkopen zijn aan het behoudend kiespubliek.

Nemen we de afschaffing hervorming van de loonindex of het invoeren van een indexsprong. Dit is een eenvoudige maatregel die snel zuurstof zou geven aan economische groei wat ons zou toelaten de pensioenen betaalbaar te houden zonder de jongere actieve generaties nog meer te belasten.

In Vlaanderen stemden 47 % van de keizers voor partijen die hieromtrent hervormingen voorstonden. In Wallonië quasi 0 %, dus in België wordt ook deze pragmatische ingreep door een meerderheid van kiezers verworpen.
Maar naast de traan is er toch ook de lach. Er zijn immers een aantal redenen tot optimisme.

Op sociaal vlak moet ik verwijzen naar de herwaardering van het ondernemerschap bij de jongeren. Ondernemer zijn wordt weer ‘cool’en ‘sexy’. Een voorbeeld hiervan is het speelse, rebelse ondernemerschap van een taxifirma zoals UBER dat op een eenvoudige wijze aantoont dat er altijd nieuwe ‘market-opportunities’ kunnen gevonden worden die nieuwe ondernemers winstperspectieven bieden en nieuwe werkgelegenheid aan jongeren kunnen verschaffen. De conservatief-corporatistische houding van sommige Brusselse ministers hierover is schandelijk. Gelukkig gaf Eurocommissaris Nellie Kroes hierin blijk jong en fris van geest te zijn.

De lach naast de traan ligt ook op het vlak van de ideeën. De klassiek-liberale visies blijken springlevend te zijn want ze worden steeds opnieuw opgedist op een verfrissende eigentijdse wijze. Het boek van Peter De Keyzer, ‘Groei maakt gelukkig’ is hier het beste voorbeeld van. Het is recht voor de raap geschreven, de ideeën worden niet eindeloos weggenuanceerd in een enerzijds-anderzijds-verhaal, het is in een begrijpelijke taal geschreven, bevattelijk ook voor niet professionals. Als ik het met één boek kan vergelijken dan is het Free To Choose van Milton Friedman. Welnu, dit boek heeft in de jaren tachtig veel in gang gezet. Ik wens dit ook toe aan dit nieuwe boek. In naam van de denktank Libera!, in naam van alle vrijheidslievende mensen, zeg ik, dank u Peter, u hebt deze prijs met forfaitcijfers verdiend.

[begin]